Slipper op de snelweg (deel 1)

Op het moment dat de chauffeur stopt, zodat zij in kan stappen, begint ze te twijfelen.  Moest ze dit wel doen? Bij een vreemde vent in de auto stappen en gewoon mee rijden, van alles meemaken en zien waar je dan terecht komt?
Toch opent Marlena het portier en gooit haar tas op de vloer van de truck en hijst zichzelf de wagen in. Ze trekt het portier dicht en zucht diep.
“Bedankt dat je stopte, Marlena. Hoi.”
“Andries. Waarom niet, ongezelliger kan het niet worden, wel gezelliger.”
En dan zet de grote wagen zich langzaam in beweging. Marlena geniet van het moment. Ooit, lang geleden mocht ze een klein stukje mee. Nu gaat ze voor het eerst met een vreemde een langere rit maken door, voor haar, onbekend gebied. Geen idee waar ze heen gaat, geen idee waar ze morgen is. Ze kijkt even opzij, naar de chauffeur, waarna ze haar ogen sluit. En vrijwel direct voelt ze rust in haar lichaam maar ook een onverklaarbaar veilig en vertrouwd gevoel.
“Vind je het erg als ik mijn schoenen uit doe?”
“Nee hoor, maak het jezelf gemakkelijk.”
En terwijl ze de veters van haar stevige stappers open knoopt hoort ze Andries de volgende vraag stellen.
“Wel eens eerder in een vrachtwagen gezeten?”
“Nee. Ja, toch wel. Een heel klein stukje bij ons in de stad. De Belgische chauffeur had voor op t plein geparkeerd, maar moest aan de achterzijde zijn. Voor mocht geen vrachtwagen staan. Hij wist de weg niet en dus moest ik de weg wijzen en mocht ik mee. Dat was voor mij een joepie momentje. Maar eenmaal naast hem vond ik het ook wel eng. Alsof je overal tegen aan lijkt te gaan botsen.”
“Wat dus niet zo is. Lang geleden?”
“Ja, best wel wat jaartjes.”
“En nu stap je gewoon bij een vreemde in want…”
“Want was het eentonige een beetje zat en zie wel waar ik strand en wanneer ik weer terug ga of kom. Misschien meteen, misschien ook niet.”
Marlena gaat iets scheef zitten en vouwt haar linkerbeen onder haar achterste, zodat ze naar de handelingen van Andries kan kijken. Er ontgaat haar weinig. Hoe hij stuurt, spiegels kijkt, vooruit kijkt, af en toe naar haar kijkt, inhaalt, invoegt en het communiceren met andere chauffeurs in de rijdende rij. Maar tevens let ze op de borden en het andere verkeer dat je van die hoogte mooi in de gaten kan houden.

Wanneer Andries kort opzij kijkt, zegt hij “Je geniet er zichtbaar van.”
“Zeker, vind dit machtig mooi. Vond dat als kind al. Dan lag ik achter in de auto na een dagtochtje moe en voldaan te zwaaien naar al die truckers en militairen. Ze zwaaiden dan terug en af en toe lieten ze de luchthoorn horen. Dan moest ik altijd enorm lachen. Dat was het mooiste, dat geluid!” Haar ogen glinsteren terwijl ze het hem vertelt. En niet veel later hoort ze dat geluid. Blozend en opgewonden kijkt ze opzij. Deed hij dat nou speciaal voor haar? Maar iets zegt haar dat als ze het hem vraagt, hij het ontkent.
Die lach van haar daar deed hij het voor. Hij glimlacht terug om vervolgens weer op het verkeer te letten. Maar hij gaat zorgen dat ze vaker zo glimlacht naar hem, want zijn hart ontdooit wel van die speelse lach op haar gezicht. Hij heeft geen idee wat haar leeftijd is, maar er zit wel iets jeugdigs in haar.
“Van welke muziek hou je eigenlijk? Want ik heb de radio wel aanstaan, maar vind je het wel wat?”
“Zeker vind ik het wat. Mijn muzieksmaak is heel breed. Van Frans Bauer tot Queen en luister soms zelfs klassiek. Mijn humeur bepaald mijn muziekkeus, maar de muziek‘keus’ kan ook mijn humeur bepalen. Zo kan ik verdrietig zijn en vrolijke muziek opzetten. Maar ook verdrietig worden door het luisteren van een bepaald liedje. En jij?”
“Het zelfde. Brede muzieksmaak, van alles wat.”
“Niet zoals de meeste truckers vroeger van die smartlappenmuziek?”
“Nee, niet echt. Soms is het leuk om even lekker mee te zingen als je aan het werk bent. Je zit hier toch de hele tijd alleen en opgesloten als je niet hoeft te laden of te lossen.”
“Moet je zelf lossen en laden of wordt dat gedaan?”
“Ligt er aan, wat je vervoert. Deze lading is geladen en wordt gelost.”
“Wat doe je dan als jij niks hoeft te doen? Rusten? Slapen?”
“Als ik een korte nacht had, dan ga ik slapen, maar kan ook zijn dat ik even de benen strek en een wandeling maak.”
In zijn ooghoek ziet Andries haar knikken en het valt even stil in de cabine.

Marlena pakt haar waterfles en neemt een slok. Ze kijkt rechts naar buiten en ziet bergen, dalen en mooie en minder mooie gebouwen. Haar stilte geeft aan dat ze geniet van het uitzicht. Het gesprek van net even laat bezinken en een plek geeft. Want haar radertjes draaien overuren, net als haar ogen. Alles wil ze in zich opnemen, maar ze ziet zoveel. Dan draait ze zich weer naar de cabine en Andries.
“Heb gewoon zoveel respect voor jullie. Het kunnen sturen met zo’n grote wagen.”
“Het is mijn beroep.” Tegelijk haalt hij nonchalant zijn schouders op.
Nog een beetje schuchter blijft ze zitten. Best lastig je te realiseren dat je gewoon kan staan als je dat niet gewend bent. Ze merkt dat ze moet omschakelen.
“Als je moe bent mag je wel op t bed liggen hoor.”
Argwanend kijkt ze naar de vraagsteller. Omdat ze gewend is dat overal een andere gedachte achter zit, twijfelt ze. Dan staat ze op om op t bed achter haar te gaan zitten. De hobbels in de weg, maken het haar wat lastig om stevig op de benen te blijven staan. Maar ze zit op het bed achter de stoelen. Eerst geniet ze van het uitzicht vanuit het midden. Heel anders dan op de passagiersstoel. Nu ziet ze ook wat beter wat Andries ziet in de spiegels. Ze schuift nog wat op zit vlak achter Andries. Maar in principe zit ze nog te hoog, ze kijkt over Andries heen. Maar ze ziet wel een druk bezet dashboard, met allerlei knopjes en zo. Hij kijkt haar over zijn schouder kort aan en begint dan met uitleggen van wat hij bij de hand heeft. Met volle aandacht luistert Marlena naar zijn uitleg. Maar of ze het allemaal goed kan onthouden is een tweede, toch is het interessant al die technische hulpmiddeltjes. Tussendoor moet er ook op de weg gelet worden want er lijkt een file te ontstaan. Ze ziet dan dat hij ver vooruit kijkt, zoals ze dat zelf ook geleerd heeft met autorijles. Ook vindt zij het wel leuk zo dichtbij hem te zitten, het doet iets met haar ondanks dat ze hem niet eens zo goed en nog maar zo kort kent. Twijfelend bijt ze op de nagel van haar pink. Terwijl ze bijna naar voren schiet, omdat er vanuit de dode hoek een auto voor de vrachtwagen schiet vanaf de invoegstrook. Een kort momentje is ze dan zo dichtbij zijn gezicht dat ze het wil aanraken met haar lippen. Ze maakt alleen haar lippen nat en gaat weer goed zitten. Niet wetende dat hij haar twijfel zag.
“Weet je nog waar die knoppen voor zijn?” vraagt hij om het te omzeilen.
“Ga je me nu overhoren dan? Want ik kan dat niet zomaar opslaan. Dit is jouw werk, maar ik zie en hoor het voor het eerst.”
“Nee, niet overhoren. Maar ben wel benieuwd of je het onthouden hebt en we staan toch stil.”
Met vragende ogen kijkt ze naar hem en weet niet goed wat ze nu moet. Eigenlijk wil ze weer terug kruipen op de passagiersstoel, want ze wil niks kapot maken wat er nog niet is. Ze zit vast voorlopig nog wel met hem in deze kleine ruimte. Maar de drang om hem aan te raken wordt wel groter en sterker, het lijkt wel een magneet. Hem vragen of hij het zelfde voelt, durft ze niet. Ze wil niet uit de wagen gezet worden om de seksuele spanning die zij voelt. Net wanneer ze besluit om niets te ondernemen voelt ze zijn hand op haar hand. Haar hart maakt een klein sprongetje. Haar hand wordt beetgepakt. Zijn vingers strelen haar vingers. Verward vraagt ze zich af of dit lust is of dat hij toch ook datgene voelt wat zij voelt. Toch houdt hij zijn ogen op de weg, moet wel want ze wil niet dat er hierdoor ongelukjes komen. Ze zou zich levenslang schuldig voelen dat ze is ingestapt en vlak bij hem is gaan zitten.
Gatver, heeft ze nu een zwak voor deze onbekende?
Toch verschijnt er een flauwe glimlach op haar gezicht en haar ogen beginnen steeds meer te sprankelen. Ze weet dat hij het moet zien en voelen, want hij brengt haar hand naar zijn mond en kust zachtjes haar vingers. Haar vingers betasten voorzichtig zijn lippen en het puntje van zijn tong. Langzaam worden haar vingers in zijn mond gezongen. Waar zijn tong speelt met haar vingers. Het tintelt door haar hele lichaam en het wordt vrijwel meteen warm tussen haar benen. Blozend kijkt ze door de voorruit en naast zich, of niemand het ziet. Wanneer ze gerust gesteld is en hij ook nog zegt dat niemand het ziet, laat ze hem begaan.

 

<<< klik hier voor deel 2 >>>

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.